Categorie archief: Geen categorie

10 redenen waarom clickbait de wereld vernietigt | Kuitenbrouwer

‘Populisme is een van de meest verwarrende termen in het vocabulaire van de politieke wetenschap,’ schrijft Margaret Canovan in haar standaardwerk Populism. Aan de vele definities die zij vervolgens opsomt kunnen wij er één toevoegen: de kunst van de clickbait.

Profetische woorden van Jan Kuitenbrouwer, die vóór de verkiezing van Donald Trump al de invloed van ‘clickbaits’ op de uitslag van de verkiezingen voorspelde. Ook de traditionele muziekindustrie profiteert van het fenomeen ‘clickbaits, dit in tegenstelling tot alle eerdere sombere voorspellingen.

Lees het hele artikel hier: 10 redenen waarom clickbait de wereld vernietigt | Kuitenbrouwer

Commentaar door @FrankvanExter

Advertenties

22 Woorden die we verkeerd uitspreken


Citaat en illustratie: lifehacking.nl  

Een interessant artikel in lifehacking.nl over het verkeerd uitspreken van woorden. Een en ander naar aanleiding van de verkiezing van het meest irritante woord 1 van het jaar.

Het blijft bijzonder in hoeverre mensen zich kunnen storen aan bepaalde woorden. Waar ik me persoonlijk meer aan stoor is het verkeerd uitspreken van woorden. Omdat we toch op de lexicologie-tour zijn, heeft Lifehacking 22 woorden gevonden die veel mensen gewoon verkeerd uitspreken.
Ik moet toegeven dat ik bij omelet even twijfelde en zeker wist dat ik Porsche altijd verkeerd heb uitgesproken. Dit laatste ongetwijfeld omdat ik nooit in de gelegenheid ben geweest de juiste uitspraak uit de mond van een Porsche}-dealer te horen.
Alvorens je je eigen uitspraak hier gaat controleren, heb ik er ook nog een paar gevonden:   

  • parmeter → pa-rá-me-tur

  • amice → a-mies

  • ongelooflijk → on-ge-lóóf-luk
    En ik verwacht dat elke lezer het rijtje wel kan aanvullen.

Filosofie, om over na te denken

Ik weet over veel dingen heel weinig  

Citaat Frank van Exter  

Wat houdt filosofie in?   

In het Grieks is het woord philosophía (φιλοσοφία) een samenstelling van de woorden voor liefde (φιλέω= ik houd van, φιλειν = houden van, φίλος = vriend, φιλία = vriendschap) en voor wijsheid (σοφία = wijsheid).

Filosofie of wijsbegeerte is de oudste theoretische discipline die het verlangen en het streven uitdrukt naar kennis en wijsheid. Zij kwam voor het eerst echt op in de 6e eeuw v.Chr.. Een beoefenaar van de filosofie wordt een filosoof of wijsgeer genoemd.
Oorspronkelijk betekende filosofie dus eenvoudig: “liefde voor wijsheid”. Het woord filosoof verving aldus het woord sofist, dat gebruikt werd om “wijze mannen” of leraren in de retorica aan te duiden. Enkele van de vroege sofisten waren wat we nu filosofen zouden noemen. In de dialogen van Plato stelt Socrates vaak filosofen tegenover sofisten, die Socrates karakteriseert als oneerlijk en destructief, omdat ze hun onwetendheid camoufleren achter woordspelingen en vleierij, en anderen pogen te overtuigen van wat onwaar en zonder grond is. Aristoteles nam deze visie op de sofisten van Socrates en Plato over. “Sofist” is hierdoor nog steeds een minachtende uitdrukking voor hen die anderen met hun redenaarskunst willen overtuigen zonder enige interesse in wijsheid of waarheid.
In het dagelijks spraakgebruik wordt de term filosofie gebruikt om elke vorm van wijsheid of levensbeschouwing aan te duiden (zoals in “iemands filosofie”) of iemands uitgangspunten (zoals in “het sluit niet aan op de filosofie achter dit plan”). Dit verschilt van het begrip filosofie in een academische context, zoals deze in dit artikel gehanteerd wordt.  

Bron: Wikipedia  

Het moderne filosofische denken  

Tijdens de Griekse oudheid verstonden onder meer Plato en Aristoteles onder filosofie het gehele gebied van de menselijke kennis. Zowel het bestuderen van de sterren als de menselijke natuur was dus object van de filosofie. Deze studies werden later echter het domein van de astronoom en de psycholoog, en op die manier werden vele disciplines die voordien aan de filosoof waren voorbehouden nu opgeëist door moderne wetenschappers. In de 18e eeuw stelde de Duitse filosoof Immanuel Kant zich in zijn Kritik der reinen Vernunft (1778) de vraag wat dan wel het onderwerp van filosofie was of diende te zijn. Hij ging daarbij uit van vier fundamentele vragen die de kernproblemen van de filosofie vormden:
– Wat kan ik weten?  

  • Wat moet ik doen?  

  • Wat mag ik hopen?  

  • Wat is de mens?  
    Het behandelen (en oplossen) van deze vier essentiële filosofische vragen gebeurt in vier kerndisciplines van de filosofie, respectievelijk de kentheorie, de ethiek, de metafysica (of ontologie) en de filosofische antropologie. 

We bestuderen steeds meer van minder  

Met deze basisproblemen is natuurlijk geen volledig beeld geschetst van alle disciplines waarmee de moderne filosoof zich kan bezighouden: te denken valt aan de moderne taalfilosofie, argumentatieleer en logica, alsook andere vrij recente ‘toevoegingen’ als sociale en politieke filosofie.
De verschillende vakgebieden zijn:
– Esthetica 

  • Ethiek 

  • Geschiedfilosofie 

  • Godsdienstfilosofie   

  • Logica 

  • Milieufilosofie   

  • Metafysica 

  • Ontologie 

  • Politieke en sociale filosofie 

  • Rechtsfilosofie 

  • Retorica  

  • Taalfilosofie 

  • Wetenschapsfilosofie  

  • Wijsgerige antropologie ^
    Enerzijds heeft de filosofie dus veel terrein moeten prijsgeven als gevolg van de opkomst van de moderne wetenschappen, maar anderzijds zijn er voortdurend nieuwe disciplines waar de filosofie haar licht op laat schijnen. Op een bepaalde manier maakt ze deze door de wetenschappen opgeëiste kennisgebieden zelfs weer voor een deel tot de hare. 
    De traditionele deelterreinen van de filosofie zijn ook globaal op te delen in drie richtingen volgens hun studieobject:

  • gericht op de mens zoals wijsgerige antropologie, ethiek, esthetica, sociale filosofie en theologie;  

  • gericht op de natuur zoals metafysica en natuurfilosofie;  

  • gericht op menselijke kennis als logica, kennistheorie, retorica en wetenschapsfilosofie.  
    Hiernaast zijn in de twintigste eeuw enige specifieke terreinen opgekomen als existentialisme, postmodernisme, systeemtheorie en taalfilosofie. Minder expliciet is, dat sinds de 19e eeuw elke afzonderlijke wetenschap is gaan werken aan haar eigen grondslagen en hierbij kan de filosofie helpen om deze grondslagen te expliciteren. In de hedendaagse filosofie worden de filosofische vakgebieden duidelijk afgebakend. Dit gebeurt vooral in de filosofische onderzoeksinstituten aan de universiteiten.

Hoe wordt je filosoof?  

In de oorspronkelijke betekenis van filosofie zagen we dat het {verlangen en streven naar kennis en wijsheid} centraal staat. En de beoefenaar daarvan heette een filosoof. Tegenwoordig heet je een filosoof als je een universitaire studie filosofie met succes hebt afgerond. Het één sluit het andere niet uit, maar het betekent wél dat allėėn het streven en verlangen naar kennis en wijsheid niet voldoende is om als filosoof te worden aangemerkt. 

Maar is het bestuderen van filosofie en de beoefenaar daarvan (filosofen) wel voldoende om jezelf filosoof te noemen? Is het kennen en reproduceren van het gedachtengoed van anderen voldoende om als filosoof door het leven te gaan?

ik vind van niet. Ik verwacht van een filosoof een eigen menig, standpunt, denk- of zienswijze, al dan niet voortbouwend op theses van andere filosofen. Een studie – welke dan ook – maakt je niet automatisch tot een beoefenaar van die studie. Je hebt slechts het recht de bijbehorende titel van die studie te voeren. Overigens is de titel van filosoof niet beschermd, waardoor een ieder deze titel ongestraft kan voeren. Iets om over na te denken.

Mijn gedachtengoed  

Natuurlijk streef ook ik naar kennis, inzicht en wijsheid, daarbij geholpen door het gedachtengoed van grote denkers (Einstein; Sheldrake) én filosofen (Plato; Socrates; Kant; Sartre).  
De kentheorie1 staat in mijn beleving centraal, maar evenzeer probeer ik verbanden te leggen vanuit de metafysica2 en ontologie3

Voeg daar nog het existentialisme van Sartre aan toe en je krijgt een beeld van mijn overpeinzingen.

Niét wetenschappelijk, niét fragmentarisch, niét in één hokje te stoppen. Maar wél om over na te denken.

© Frank van Exter 

Bron: Wilkipedia

Onder metafysica verstaat men de leer die niet de realiteit onderzoekt zoals we die ervaren door middel van onze uiterlijke zintuigen maar datgene wat boven de materie uitgaat, de totaliteit van al het gegevene. Deze totaliteit kan zowel in een buiten onze wereld liggende ‘transcendentale’ werkelijkheid worden geponeerd, zoals Plato deed of in de vele ervaringsgegevens zelf, in een diepere grond waarin de gegevenheden alle zijn gefundeerd, de visie van Aristoteles.

Bron: Wikipedia

Bron: Wikipedia


  1. Kennistheorie, ook bekend als “epistemologie”, “kennisleer” of “kentheorie”, is een tak van de filosofie die er op gericht is na te gaan welke criteria bepalen wat gerechtvaardigde kennis is. Kennistheorie gaat over de voorwaarden voor, en de oorsprong en reikwijdte van kennis. Veel bekende filosofische problemen worden al eeuwen besproken binnen de kennistheorie, zoals de subjectiviteit van waarneming, het vaststellen van waarheid en de grenzen van het menselijke kenvermogen. 
  2. Metafysica betekent zoveel als wat na de natuur (fysica) komt of wat de natuur ‘overstijgt’. Het houdt zich bezig met vragen als “wat is bestaan, of er zijn?” De term metafysica is bekend geworden door Andronicus van Rhodos die de geschriften van Aristoteles ordende en uitgaf. Een aantal van die geschriften – waarvan de inhoud zeer divers was – plaatse hij na de fysica (meta fysica). 
  3. Ontologie is een tak van de metafysica. De ontologie is de zijnsleer. Het beschrijft de eigenschappen van het geheel van dingen, ‘entiteiten’, waarvan aangenomen wordt dat ze bestaan of althans zijn en probeert de fundamentele categorieën ervan te onderscheiden. De ontologie staat in nauwe wisselwerking met de fenomenologie en de epistemologie. 

De filosofie van de hoop

Ernst Bloch

De Duitse filosoof Ernst Bloch (1885-1977) wordt wel de filosoof van de ‘hoop genoemd, omdat zijn originele denkbeelden veelal betrekking hebben op ‘hoop’. Hoop op een betere toekomst, hoop op een betere wereld en met name ook hoop in de zin van de verwezenlijking van idealen in het ‘niet-nu’.
Bloch heeft een utopische zienswijze, door zijn blik te richten op een betere wereld, een wereld van vrede en gerechtigheid. Bloch is niet alleen een marxistisch filosoof, maar ook een atheïstisch theoloog. Hij wilde de tegenstellingen tussen God en mens, hemel en aarde, christendom en atheïsme overbruggen.
In zijn eerste boek ‘Geist der Utopie’ (1918) formuleert Bloch de grondslag voor zijn latere oeuvre, met als belangrijkste werk de vijf delen van ‘Das Prinzip Hoffnung’ (1947).
In het eerste deel ‘Kleine Tagträume’ worden allerlei dagelijkse ervaringen beschreven die refereren aan ‘hopen’ en ‘verlangen’ naar ‘meer’ en ‘beter’. Dagdromen vormen voor Bloch het empirische materiaal voor de ‘nog-niet’ bestaande toekomst. Het tweede deel ‘Das antizipierende Bewusstsein’ vormt de wijsgerige onderbouwing van de utopische verwachtingen. De overige delen van de serie onderbouwen de verwachtingen verder.
Nog weer later postuleerde hij dat concentratie op succes op korte termijn gemakkelijk kan leiden tot het uit het oog verliezen van het uiteindelijke doel[^1].
Dat Bloch als filosoof van de hoop ook heden ten dage nog kan inspireren, bewijst de uitgave van het boek ‘Hoop’ (2009) geschreven door Ronald van der Vorst. Met het onderstaande citaat uit ‘Hoop’ wil ik afsluiten:

"Hoop is de remedie tegen apathie, tegen fatalisme, wanhoop, en is bovenal iets dat aangeleerd moet worden. Het is een onzeker gevoel en een voorbeeld van uitgestelde behoeftebevrediging."

Bronnen

  1. Interessant om over na te denken als je doelen nastreeft op basis van
    Getting Things Done (GTD)

© Frank van Exter