Alle berichten door Tekstschrijver

10 redenen waarom clickbait de wereld vernietigt | Kuitenbrouwer

‘Populisme is een van de meest verwarrende termen in het vocabulaire van de politieke wetenschap,’ schrijft Margaret Canovan in haar standaardwerk Populism. Aan de vele definities die zij vervolgens opsomt kunnen wij er één toevoegen: de kunst van de clickbait.

Profetische woorden van Jan Kuitenbrouwer, die vóór de verkiezing van Donald Trump al de invloed van ‘clickbaits’ op de uitslag van de verkiezingen voorspelde. Ook de traditionele muziekindustrie profiteert van het fenomeen ‘clickbaits, dit in tegenstelling tot alle eerdere sombere voorspellingen.

Lees het hele artikel hier: 10 redenen waarom clickbait de wereld vernietigt | Kuitenbrouwer

Commentaar door @FrankvanExter

Advertenties

Heeft de traditionele journalistiek nog wel toekomst?  

Nu er wereldwijd steeds meer mensen toegang tot internet krijgen, zien we de hoeveelheid beschikbare informatie exponentieel toenemen. 
Naast de traditionele media (tv, radio, kranten en magazines) zien we nieuwe aanbieders als YouTube, Wikipedia, nieuwssites, bloggers, podcasters, vloggers en nog veel meer.

Elk voordeel heeft zijn nadeel (op. cit. Cruyff) en dat betekent dat het zoeken naar waarheidsgetrouwe informatie steeds moeilijker wordt.  
Nu is waarheid een begrip dat multi-interpretabel is, maar duidelijk is wel dat onze waarneming een simulatie is van de werkelijkheid (Plato; Kant).

Als lezer van een bepaalde krant (De Telegraaf; NRC; Trouw; De Volkskrant) of kijker naar een bepaalde omroep (VPRO;EO;Vara/BNN) weten we dat de geboden informatie gekleurd is, maar verwachten we wél dat de informatie feitelijk juist is. Het probleem voor de consument is echter dat het weglaten van bepaalde informatie de opinievorming op het verkeerde been kan zetten. Recente voorbeelden in Nederland zijn de berichtgeving over MH17 en V&D, waarin sprake is van onvolledige informatie (V&D) en té weinig transparantie van de overheid.  
We zouden een boek kunnen vullen met voorbeelden, waardoor het niet verwonderlijk is dat het slecht gesteld is met het vertrouwen in zowel de journalistiek als de berichtgeving van de overheid.

Het gevolg is dat consumenten steeds meer hun eigen waarheidsvinding gaan zoeken op internet of bij familie en vrienden. 

Een ander gevolg is dat complottheorieën welig tieren op het internet, waardoor het vertrouwen in berichtgeving nog verder afneemt. Het volgende artikelen moge dit verduidelijken:

Wanneer spreekt een journalist de waarheid?  

Nieuwsconsumenten vertrouwen sinds ongeveer twee jaar liever op hun eigen zoekresultaten, die ze vinden via Google News, dan op nieuws dat gebracht wordt door traditionele media. Dit blijkt uit wereldwijd onderzoek van het Amerikaanse bureau Edelman, begin dit jaar gepubliceerd.
Andere opvallende uitkomst: mensen vertrouwen het meest op nieuws dat hen bereikt via vrienden en familie (78 procent). Daarop volgt het nieuws dat gedeeld wordt door academische experts (65 procent). Het minste vertrouwen krijgt nieuws dat gebracht wordt door degenen die er hun vak van hebben gemaakt: journalisten (44 procent).
Uit recent Brits onderzoek blijkt dat journalisten als buitengewoon onbetrouwbaar worden gezien. In de top van minst betrouwbare beroepen staan journalisten op de vierde plaats, achter makelaars (3), leden van de regering (2) en politici (1). Wie dan wel betrouwbaar is? De kapper.  

Bron: Trouw
Waar de toekomst ons gaat brengen met betrekking tot feitelijke berichtgeving en waarheidsvinding moeten we maar afwachten, maar dat de ontwikkelingen niet stil staan. leest u in:

Hebben we dadelijk nog nieuwsapps?

Hoe lang lezen we nieuws nog in traditionele nieuwsapps? Opeens is er een nieuwsapp op de iPhone die geen voorpagina, geen nieuwscategorieën en zelfs geen complete artikelen bevat. De app van Quartz laat je in plaats daarvan chatten met het nieuws. De app werpt een onderwerp op en jij geeft aan of je er meer over wilt lezen, of naar het volgende onderwerp gaat. Een donderslag bij heldere hemel? Wie langer naar de trends in app- en mediaconsumptie kijkt, zag het misschien wel aankomen. Nieuws in sociale (chat)apps rukt op.  

Bron: iCultures

22 Woorden die we verkeerd uitspreken


Citaat en illustratie: lifehacking.nl  

Een interessant artikel in lifehacking.nl over het verkeerd uitspreken van woorden. Een en ander naar aanleiding van de verkiezing van het meest irritante woord 1 van het jaar.

Het blijft bijzonder in hoeverre mensen zich kunnen storen aan bepaalde woorden. Waar ik me persoonlijk meer aan stoor is het verkeerd uitspreken van woorden. Omdat we toch op de lexicologie-tour zijn, heeft Lifehacking 22 woorden gevonden die veel mensen gewoon verkeerd uitspreken.
Ik moet toegeven dat ik bij omelet even twijfelde en zeker wist dat ik Porsche altijd verkeerd heb uitgesproken. Dit laatste ongetwijfeld omdat ik nooit in de gelegenheid ben geweest de juiste uitspraak uit de mond van een Porsche}-dealer te horen.
Alvorens je je eigen uitspraak hier gaat controleren, heb ik er ook nog een paar gevonden:   

  • parmeter → pa-rá-me-tur

  • amice → a-mies

  • ongelooflijk → on-ge-lóóf-luk
    En ik verwacht dat elke lezer het rijtje wel kan aanvullen.

Vervreemding

Vervreemding is een proces waarbij mensen zich niet meer eigen voelen omdat men het idee heeft geen invloed te kunnen uitoefenen op de ontwikkelingen. Het begrip is onder meer uitgewerkt in de filosofie, psychologie, sociologie, theologie, rechtsgeleerdheid en politieke economie, met als gevolg dat er uiteenlopende concepten zijn ontstaan. Bron: Wikipedia
Het concept vervreemding heeft me altijd gefascineerd. Niet in de betekenis van Hegel of Marx, waarmee we als – min of meer – geëngageerde studenten werden doodgegooid.  

Wél als handvat om in mijn studententijd mede-studenten op het verkeerde been te zetten. Ik had met een paar vrienden de filosoof Rudolphus Brennheimer gecreëerd, uit wiens werk we – te pas en te onpas – pseudo filosofische uitspraken citeerden. Dat leidde vaak tot hilarische discussies als onze ‘opponenten’ beweerden het werk van de ‘grote filosoof’ te kennen.
Dit alles schoot me weer te binnen, toen ik het stukje van Dr. Kuitenbrouwer las: Relatiestatus – de taal van sociale media. Lezenswaardig én hilarisch!

Meer opmerkelijke stukken van deze taalvirtuoos vind je in Logboek Dr. Kuitenbrouwer : Taalkliniek

Filosofie, om over na te denken

Ik weet over veel dingen heel weinig  

Citaat Frank van Exter  

Wat houdt filosofie in?   

In het Grieks is het woord philosophía (φιλοσοφία) een samenstelling van de woorden voor liefde (φιλέω= ik houd van, φιλειν = houden van, φίλος = vriend, φιλία = vriendschap) en voor wijsheid (σοφία = wijsheid).

Filosofie of wijsbegeerte is de oudste theoretische discipline die het verlangen en het streven uitdrukt naar kennis en wijsheid. Zij kwam voor het eerst echt op in de 6e eeuw v.Chr.. Een beoefenaar van de filosofie wordt een filosoof of wijsgeer genoemd.
Oorspronkelijk betekende filosofie dus eenvoudig: “liefde voor wijsheid”. Het woord filosoof verving aldus het woord sofist, dat gebruikt werd om “wijze mannen” of leraren in de retorica aan te duiden. Enkele van de vroege sofisten waren wat we nu filosofen zouden noemen. In de dialogen van Plato stelt Socrates vaak filosofen tegenover sofisten, die Socrates karakteriseert als oneerlijk en destructief, omdat ze hun onwetendheid camoufleren achter woordspelingen en vleierij, en anderen pogen te overtuigen van wat onwaar en zonder grond is. Aristoteles nam deze visie op de sofisten van Socrates en Plato over. “Sofist” is hierdoor nog steeds een minachtende uitdrukking voor hen die anderen met hun redenaarskunst willen overtuigen zonder enige interesse in wijsheid of waarheid.
In het dagelijks spraakgebruik wordt de term filosofie gebruikt om elke vorm van wijsheid of levensbeschouwing aan te duiden (zoals in “iemands filosofie”) of iemands uitgangspunten (zoals in “het sluit niet aan op de filosofie achter dit plan”). Dit verschilt van het begrip filosofie in een academische context, zoals deze in dit artikel gehanteerd wordt.  

Bron: Wikipedia  

Het moderne filosofische denken  

Tijdens de Griekse oudheid verstonden onder meer Plato en Aristoteles onder filosofie het gehele gebied van de menselijke kennis. Zowel het bestuderen van de sterren als de menselijke natuur was dus object van de filosofie. Deze studies werden later echter het domein van de astronoom en de psycholoog, en op die manier werden vele disciplines die voordien aan de filosoof waren voorbehouden nu opgeëist door moderne wetenschappers. In de 18e eeuw stelde de Duitse filosoof Immanuel Kant zich in zijn Kritik der reinen Vernunft (1778) de vraag wat dan wel het onderwerp van filosofie was of diende te zijn. Hij ging daarbij uit van vier fundamentele vragen die de kernproblemen van de filosofie vormden:
– Wat kan ik weten?  

  • Wat moet ik doen?  

  • Wat mag ik hopen?  

  • Wat is de mens?  
    Het behandelen (en oplossen) van deze vier essentiële filosofische vragen gebeurt in vier kerndisciplines van de filosofie, respectievelijk de kentheorie, de ethiek, de metafysica (of ontologie) en de filosofische antropologie. 

We bestuderen steeds meer van minder  

Met deze basisproblemen is natuurlijk geen volledig beeld geschetst van alle disciplines waarmee de moderne filosoof zich kan bezighouden: te denken valt aan de moderne taalfilosofie, argumentatieleer en logica, alsook andere vrij recente ‘toevoegingen’ als sociale en politieke filosofie.
De verschillende vakgebieden zijn:
– Esthetica 

  • Ethiek 

  • Geschiedfilosofie 

  • Godsdienstfilosofie   

  • Logica 

  • Milieufilosofie   

  • Metafysica 

  • Ontologie 

  • Politieke en sociale filosofie 

  • Rechtsfilosofie 

  • Retorica  

  • Taalfilosofie 

  • Wetenschapsfilosofie  

  • Wijsgerige antropologie ^
    Enerzijds heeft de filosofie dus veel terrein moeten prijsgeven als gevolg van de opkomst van de moderne wetenschappen, maar anderzijds zijn er voortdurend nieuwe disciplines waar de filosofie haar licht op laat schijnen. Op een bepaalde manier maakt ze deze door de wetenschappen opgeëiste kennisgebieden zelfs weer voor een deel tot de hare. 
    De traditionele deelterreinen van de filosofie zijn ook globaal op te delen in drie richtingen volgens hun studieobject:

  • gericht op de mens zoals wijsgerige antropologie, ethiek, esthetica, sociale filosofie en theologie;  

  • gericht op de natuur zoals metafysica en natuurfilosofie;  

  • gericht op menselijke kennis als logica, kennistheorie, retorica en wetenschapsfilosofie.  
    Hiernaast zijn in de twintigste eeuw enige specifieke terreinen opgekomen als existentialisme, postmodernisme, systeemtheorie en taalfilosofie. Minder expliciet is, dat sinds de 19e eeuw elke afzonderlijke wetenschap is gaan werken aan haar eigen grondslagen en hierbij kan de filosofie helpen om deze grondslagen te expliciteren. In de hedendaagse filosofie worden de filosofische vakgebieden duidelijk afgebakend. Dit gebeurt vooral in de filosofische onderzoeksinstituten aan de universiteiten.

Hoe wordt je filosoof?  

In de oorspronkelijke betekenis van filosofie zagen we dat het {verlangen en streven naar kennis en wijsheid} centraal staat. En de beoefenaar daarvan heette een filosoof. Tegenwoordig heet je een filosoof als je een universitaire studie filosofie met succes hebt afgerond. Het één sluit het andere niet uit, maar het betekent wél dat allėėn het streven en verlangen naar kennis en wijsheid niet voldoende is om als filosoof te worden aangemerkt. 

Maar is het bestuderen van filosofie en de beoefenaar daarvan (filosofen) wel voldoende om jezelf filosoof te noemen? Is het kennen en reproduceren van het gedachtengoed van anderen voldoende om als filosoof door het leven te gaan?

ik vind van niet. Ik verwacht van een filosoof een eigen menig, standpunt, denk- of zienswijze, al dan niet voortbouwend op theses van andere filosofen. Een studie – welke dan ook – maakt je niet automatisch tot een beoefenaar van die studie. Je hebt slechts het recht de bijbehorende titel van die studie te voeren. Overigens is de titel van filosoof niet beschermd, waardoor een ieder deze titel ongestraft kan voeren. Iets om over na te denken.

Mijn gedachtengoed  

Natuurlijk streef ook ik naar kennis, inzicht en wijsheid, daarbij geholpen door het gedachtengoed van grote denkers (Einstein; Sheldrake) én filosofen (Plato; Socrates; Kant; Sartre).  
De kentheorie1 staat in mijn beleving centraal, maar evenzeer probeer ik verbanden te leggen vanuit de metafysica2 en ontologie3

Voeg daar nog het existentialisme van Sartre aan toe en je krijgt een beeld van mijn overpeinzingen.

Niét wetenschappelijk, niét fragmentarisch, niét in één hokje te stoppen. Maar wél om over na te denken.

© Frank van Exter 

Bron: Wilkipedia

Onder metafysica verstaat men de leer die niet de realiteit onderzoekt zoals we die ervaren door middel van onze uiterlijke zintuigen maar datgene wat boven de materie uitgaat, de totaliteit van al het gegevene. Deze totaliteit kan zowel in een buiten onze wereld liggende ‘transcendentale’ werkelijkheid worden geponeerd, zoals Plato deed of in de vele ervaringsgegevens zelf, in een diepere grond waarin de gegevenheden alle zijn gefundeerd, de visie van Aristoteles.

Bron: Wikipedia

Bron: Wikipedia


  1. Kennistheorie, ook bekend als “epistemologie”, “kennisleer” of “kentheorie”, is een tak van de filosofie die er op gericht is na te gaan welke criteria bepalen wat gerechtvaardigde kennis is. Kennistheorie gaat over de voorwaarden voor, en de oorsprong en reikwijdte van kennis. Veel bekende filosofische problemen worden al eeuwen besproken binnen de kennistheorie, zoals de subjectiviteit van waarneming, het vaststellen van waarheid en de grenzen van het menselijke kenvermogen. 
  2. Metafysica betekent zoveel als wat na de natuur (fysica) komt of wat de natuur ‘overstijgt’. Het houdt zich bezig met vragen als “wat is bestaan, of er zijn?” De term metafysica is bekend geworden door Andronicus van Rhodos die de geschriften van Aristoteles ordende en uitgaf. Een aantal van die geschriften – waarvan de inhoud zeer divers was – plaatse hij na de fysica (meta fysica). 
  3. Ontologie is een tak van de metafysica. De ontologie is de zijnsleer. Het beschrijft de eigenschappen van het geheel van dingen, ‘entiteiten’, waarvan aangenomen wordt dat ze bestaan of althans zijn en probeert de fundamentele categorieën ervan te onderscheiden. De ontologie staat in nauwe wisselwerking met de fenomenologie en de epistemologie. 

Sterrenregen in culinair Nederland

Michelin-sterren 2015: De Librije en De Leest aan kop, wissels bij twee en één sterren

Maandag maakte de beroemde restaurantgids Michelin bekend welke Nederlandse restaurants voor 2015 een ster krijgen.
In de absolute top veranderde er weinig. Restaurants De Librije in Zwolle en De Leest in Vaassen behielden hun drie sterren. Er kwamen drie nieuwe tweesterrenrestaurants bij, maar er waren ook restaurants die hun tweede of eerste ster verloren.
Het aantal zaken met één ster komt nu uit op 79; er zijn negentien tweesterrenrestaurants en twee met drie sterren. Een totaal van 100, vijf minder dan vorig jaar.

Maar volgens directeur Michael Ellis van de Michelin Gids komt dat ook omdat zes zaken gesloten zijn en enkele andere hun ster kwijt raakten door verhuizing.
Volgens Ellis behoort Nederland tot de landen met een topkeuken. “Twintig jaar geleden ging niemand naar Nederland om te eten”, zei hij. “Nu wel, en dat is een relatief nieuwe trend.” Toch vindt hij dat Nederland in het buitenland nog steeds ondergewaardeerd wordt.

Lees het artikel om te zien welke restaurants een ster kregen of kwijtraakten. Dat laatste is voor een chef-kok of eigenaar het ergste wat hem of haar1 kan overkomen. Ik heb dat – lang geleden – zélf eens kunnen constateren. Lees mijn verhaal over Het draadje van Kaatje in mijn ander blog Frank en vrij.


  1. Persoonlijk ken ik geen naam van een vrouwelijke chef-kok. Maar áls ze er al zijn, dan zijn ze dun gezaaid. 

De morrende minderheid

De oude Grieken wisten het al. Ook een democratie kent zijn beperkingen. Maar van alle mogelijke vormen van staatsbestel is de democratie vooralsnog de minst slechte.
In Nederland kunnen minderheden hun stem laten horen. De vrijheid van meningsuiting is verankerd in de grondwet. Maar de interpretatie ervan is een grijs gebied, waarover soms rechters uitspraken moeten doen.
Dat betekent niet dat minderheden altijd hun zin krijgen. In die situaties zijn er nog andere mogelijkheden: referendum, petitie, demonstratie, staking en de gang naar de rechter.
Het wordt er allemaal niet vrolijker op. Onze multi-culturele samenleving glijdt af naar een land vol ‘azijnpissers’.
Twee recente voorbeelden wil ik u niet onthouden:

Piet, zwart door roet

Het Zwarte Piet-debat, waarin voor- en tegenstanders elkaar inmiddels fysiek te lijf gaan. De intocht van Sint Nicolaas te Gouda op 14 november resulteerde in meer dan 60 arrestaties. Volgens de politie was het een rustig (sic) verlopen evenement. Een kinderfeest…

Wat mij betreft is Zwarte Piet een non-discussie. Het knechtje van de Sint dankt zijn zwarte gezicht en handen aan het roet in de schoorstenen waar hij doorheen moet klimmen van de bisschop.1 In mijn jeugd waren de Pieten voorzien van wat zwarte vegen van een beroete kurk, waardoor de – meestal blanke – huid doorheen schemerde. De cosmetica-industrie zag een gat in de markt door zwarte schmink te verkopen. Hoe meer, hoe liever. En zo werden de Pieten zwart.
Het argument van roet wordt blijkbaar té weinig gebruikt in de debatten om de vermeende discriminatie te weerleggen. Als we de uitspraak “zo zwart als roet” veranderen in “zo zwart door roet” is Zwarte Piet weer cultureel de oude.

De Veluwe roert zich

Op maandag 3 november was er in Bibliotheek Harderwijk een debat over ‘Een vlucht regenwulpen’ van schrijver Maarten ’t Hart.
Op de Veluwe leeft de vraag waaróm het CPNB dit boek koos voor Nederland Leest, terwijl de schrijver zo omstreden is in christelijk Nederland. Eerder al stelde het Reformatorisch Dagblad deze vraag.
De discussie vond plaats tussen Eppo van Nispen tot Sevenaer, directeur CPNB, literatuurcriticus Hans Werkman en Ardjan Noorland, bibliograaf en voorzitter van het Nationaal Documentatiecentrum Maarten ’t Hart.

Dat boeken worden verboden, gecensureerd of zelfs verbrand, bewijst eens te meer de macht van het geschreven woord. Gelukkig is er tegenwoordig internet – trouwens ook een doorn in het oog van de machthebbers – waar we boeken en informatie op kunnen zetten en af kunnen halen.

Ik wil eindigen met wat positiefs. Een gewelig interview in ‘de Volkskrant’ met Marijke Nagtegaal, het meisje – inmiddels volwassen vrouw – waarover Maarten ’t Hart schreef in ‘Een vlucht regenwulpen’.
Je kunt het hiér lezen.

©FrankvanExter


  1. Ook de Sint dan maar verbieden? Want ook die heeft boter op zijn tabberd, gezien de recente schandalen rond kindermisbruik in de R.K.-kerk.